Hand & pols
Duimbasisartrose
Duimartrose is slijtage van het duimbasisgewricht die voor pijn (duimpijn) en stijfheid zorgt. Lees meer over de symptomen, diagnose en behandeling.
Inhoud
Duimbasisartrose
Wat is het?
Bij wie komt het voor?
Wat zijn de symptomen?
Hoe stelt de arts de diagnose?
Wanneer naar een volgende stap?
Behandeling
Prognose
Conclusie
Wat is het?
Duimartrose, ook wel duimbasisartrose of rhizartrose genoemd, is een vorm van slijtage in het onderste duimgewricht (CMC-1, het gewricht tussen de duimbasis en de handwortel). Bij deze aandoening verdwijnt het beschermende kraakbeen, waardoor een versleten duim ontstaat: het bot schuurt op bot. Dit leidt tot pijn en stijfheid in de duim (duimpijn) en verminderde grijpkracht.

Bij wie komt het voor?
Verschillende factoren verhogen de kans op duimartrose:
- Leeftijd: meestal bij mensen boven de 50 jaar (met name ouderen.)
- Geslacht: duimartrose komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen.
- Erfelijke aanleg: een familiale voorgeschiedenis van artrose (slijtage) verhoogt het risico op duimartrose.
- Overbelasting: langdurig zware belasting van de duim door werk of hobby’s kan duimartrose bevorderen.
Wat zijn de symptomen?
Kenmerkende symptomen van duimartrose zijn:
- Duimpijn: vooral pijn aan de basis van de duim (duimmuis), verergerend bij bewegingen zoals knijpen of iets vastpakken. Deze duimpijn kan afnemen in rust, maar keert terug bij gebruik van de duim.
- Stijfheid: bij duimartrose voelt de duim minder beweeglijk, vooral ’s ochtends of na langere rust.
- Krachtverlies: verminderde knijpkracht bij openen van potten, schrijven of vasthouden van objecten.
- Knobbelvorming: een zichtbare botknobbel of bult aan de basis van de duim door botaanwas (osteofyten).
- Standafwijking: in gevorderde stadia kan de duim scheef gaan staan ten opzichte van de hand.
Hoe stelt de arts de diagnose?
De diagnose duimartrose wordt gesteld op basis van:
- Anamnese (vraaggesprek): de arts vraagt naar de klachten: sinds wanneer is er duimpijn, hoe ernstig zijn pijn en stijfheid, en welke bewegingen of activiteiten verergeren de klachten. Ook eerdere blessures of aandoeningen (zoals reuma) worden nagevraagd.
- Klinisch onderzoek: het duimgewricht wordt onderzocht. De arts voert specifieke tests uit, zoals de grindtest (met lichte druk de duim roteren in het gewricht om te voelen of er pijn of kraken optreedt) en een druktest (druk op het CMC-1 gewricht om na te gaan of dat gevoelig is). Daarnaast beoordeelt de arts de beweging en stabiliteit van de duim en kijkt hij of er een knobbel zichtbaar is.
- Beeldvorming: meestal wordt een röntgenfoto gemaakt van de duimbasis. Op de foto is duimartrose te herkennen aan een versmalde gewrichtsspleet door verlies van kraakbeen en eventuele botuitsteeksels (osteofyten). Zo’n foto bevestigt de diagnose en toont de ernst van de slijtage duim. Er is niet altijd een rechtstreeks verband tussen de ernst van slijtage en de ernst van de klachten.
Wanneer naar een volgende stap?
Behandeling
De behandeling van duimartrose hangt af van de ernst van de klachten. Vaak wordt in stappen gewerkt:
Stap 1: Wat kan je zelf of de huisarts reeds doen? (milde klachten)
- Rust en aanpassingen: vermijd pijnlijke bewegingen en zware belasting van de duim.
- Ergonomishe hulpmiddelen: Gebruik hulpmiddelen zoals een potopener of aangepaste dikke pen om de duim te ontlasten.
- Een duimbrace kan het duimgewricht ondersteunen en de pijn verlichten.
- Fysiotherapie of kinesist: oefeningen om mobiliteit en spierkracht te behouden.
- Medicatie: neem ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID’s zoals ibuprofen of diclofenac) of gebruik een ontstekingsremmende zalf om de pijn te verminderen.

Stap 2: Cortisone-injectie (matige klachten)
Helpt stap 1 onvoldoende, dan kan de arts een corticosteroïdeninjectie in het duimgewricht geven. Zo’n injectie vermindert de ontsteking en duimpijn doorgaans voor meerdere weken tot maanden. Ook handtherapie met oefeningen kan de beweeglijkheid en spierkracht van de duim verbeteren.
Stap 3: Operatie (ernstige of blijvende klachten)
- Bij aanhoudende pijn en functieverlies ten gevolge van duimartrose kan een operatie een goede uitkomst bieden. Afhankelijk van de situatie zijn er twee opties:
- Duimprothese: het versleten gewricht wordt vervangen door een kunstgewricht (duimprothese). De beweeglijkheid van de duim blijft behouden, er is een betere grijpkracht en de revalidatie verloopt relatief snel, maar een duimprothese is minder geschikt voor zeer zware belasting. Deze ingreep heeft onze voorkeur waar mogelijk gezien het snellere herstel.

- Trapeziumresectie: het trapeziumbot (een handwortelbeentje) wordt operatief verwijderd. Vervolgens plaatst de chirurg een stukje pees of kunstmateriaal op de plek van het verwijderde bot (interpositie-artroplastiek) om bot-op-bot contact te voorkomen. Deze ingreep neemt de pijn weg en behoudt enige beweeglijkheid, maar het herstel duurt enkele maanden en de maximale knijpkracht van de duim kan iets verminderen.

- Na een operatie volgt een periode van oefentherapie om de functie van de duim te optimaliseren.
Prognose
Bij vroege duimartrose kunnen aanpassingen en conservatieve maatregelen de klachten vaak verlichten en een operatie tijdelijk uitstellen of vermijden. Indien duimartrose operatief behandeld wordt (bijvoorbeeld met een duimprothese of trapeziumresectie), is de prognose meestal goed: de meeste patiënten ervaren duidelijke pijnvermindering en kunnen hun hand weer beter gebruiken in het dagelijks leven. Wel duurt het herstel na een operatie enkele maanden. Zware belasting van een duim met prothese blijft af te raden om versnelde slijtage van de prothese te beperken.
Conclusie
Duimartrose is een veelvoorkomende slijtage-aandoening van het duimgewricht die voor pijn en functiebeperking kan zorgen. Vroege herkenning en maatregelen zoals rust of een brace kunnen de klachten verlichten en verdere duimslijtage afremmen. In ernstige gevallen bieden operatieve ingrepen – zoals een duimprothese of trapeziumresectie – een doeltreffende oplossing met goede resultaten, waardoor de pijn verdwijnt en de duimfunctie verbetert. De keuze tussen operatieve opties hangt af van de mate van beweeglijkheid en kracht die gewenst is, evenals de voorkeur van de patiënt en de chirurgische haalbaarheid.
Maak een afspraak
Online
Het is mogelijk om je afspraak online vast te leggen via onderstaande link.
Telefonisch
Maak je je afspraak liever telefonisch? Dan kan je terecht bij ons secretariaat:
Maak een afspraak
Maak je je afspraak liever telefonisch? Dan kan je terecht bij ons secretariaat:
Jouw arts(en)
Veel gestelde vragen
Wat zijn de symptomen van duimbasisartrose?
De voornaamste klachten zijn pijn aan de basis van de duim (duimmuis), vooral bij knijpen of voorwerpen vastpakken. Daarnaast voelt de duim stijf aan, is de knijpkracht verminderd en kan een knobbel of bult aan de duimbasis zichtbaar zijn. In gevorderde stadia kan de duim scheef gaan staan.
Bij wie komt duimbasisartrose vaak voor?
Duimbasisartrose treft acht keer vaker vrouwen dan mannen, meestal vanaf 50 jaar. Er bestaat een duidelijke erfelijke voorbeschiktheid (vaak van moeder op dochter). Ook langdurige overbelasting van de duim door werk of hobby's en oude breuken aan de duimbasis verhogen het risico.
Moet duimbasisartrose altijd geopereerd worden?
Nee, behandeling is nooit strikt noodzakelijk en hangt af van de subjectieve klachten. Veel patienten hebben voldoende baat bij rust, een duimbrace, ergonomische hulpmiddelen, kine en pijnstillers of NSAID's. Bij matige klachten kan een cortisone-injectie de pijn voor maanden verlichten. Een operatie wordt pas overwogen bij ernstige of blijvende klachten.
Wat is het verschil tussen een duimprothese en een trapeziumresectie?
Bij een duimprothese wordt het versleten gewricht vervangen door een kunstgewricht: de beweeglijkheid blijft behouden, de knijpkracht verbetert en het herstel verloopt relatief snel. Bij een trapeziumresectie wordt het trapeziumbeentje verwijderd en vervangen door een stukje pees of kunstmateriaal. Het herstel duurt langer en de maximale knijpkracht kan iets verminderen, maar de pijn verdwijnt en enige beweeglijkheid blijft behouden.
Hoelang duurt het herstel na een duimoperatie?
Na het plaatsen van een duimbasisprothese wordt een stabiliserende spalk drie weken aangelegd. Een röntgencontrole gebeurt na 1 en 8 weken. Na een trapeziumresectie volgt vier weken gipsimmobilisatie. In beide gevallen wordt nadien handtherapie opgestart. Het volledige herstel duurt verschillende maanden, met sneller herstel bij de duimprothese.
Welke arts behandelt duimbasisartrose bij Orthopedie Turnhout?
Bij Orthopedie Turnhout wordt duimbasisartrose behandeld door de gespecialiseerde hand- en polschirurgen. Zij hebben specifieke ervaring met conservatieve aanpak, infiltraties en de chirurgische opties zoals duimprothese en trapeziumresectie. Een verwijzing van uw huisarts is meestal aangewezen.




