Hand & pols
Carpal tunnel syndroom
Het carpal tunnel syndroom is een aandoening waarbij de vingers in de hand kunnen slapen. Lees alles over symptomen, onderzoeken en de behandeling.
Inhoud
Carpal tunnel syndroom
Wat is het?
Bij wie komt het voor?
Wat zijn de symptomen?
Hoe stelt de arts de diagnose?
Wanneer naar een volgende stap?
Behandeling
Prognose
Conclusie
Wat is het?
Het carpal tunnel syndroom is een veel voorkomende zenuwbeknelling in de pols. Hierbij komt de middelste handzenuw (nervus medianus) bekneld geraakt in de carpale tunnel – een nauwe doorgang aan de handpalmzijde van de pols. Deze zenuw zorgt voor gevoel in de duim, wijs- en middelvinger. Bij een carpal tunnel syndroom wordt druk op de zenuw uitgeoefend, wat leidt tot klachten van tintelingen in de vingers met soms krachtsverlies en vaak slapende handen ’s nachtstot gevolg.

Bij wie komt het voor?
Het carpal tunnel syndroom komt vaker voor bij:
- Personen tussen de 40 en 60 jaar
- Vrouwen (drie keer vaker dan mannen)
- Mensen met repeterende handbewegingen (zoals typisten, kassamedewerkers en musici)
- Personen met onderliggende aandoeningen zoals diabetes, reuma, schildklieraandoeningen of obesitas
- Zwangere vrouwen door vochtophoping en hormonale veranderingen
Wat zijn de symptomen?
- Tintelingen en slaapgevoel: Je ervaart vaak ’s nachts of ’s ochtends vroeg tintelingen, prikkelingen of een doof gevoel in de duim, wijsvinger, middelvinger (en soms ringvinger). Het voelt alsof je hand slaapt (slapende hand).
- Pijn en branderigheid: Sommige mensen voelen een zeurende pijn of branderig gevoel in de handpalm of pols, die kan uitstralen naar de onderarm.
- Krachtverlies: Door de zenuwdruk kunnen spieren in de hand verzwakken. Je merkt dat je vaker dingen laat vallen of moeite hebt met fijne handelingen. In ernstige gevallen kan spierafname (atrofie) optreden.
- Nachtelijke klachten: Typisch word je ’s nachts wakker van een slapende, tintelende hand. Even je hand uitschudden kan de klachten tijdelijk verlichten.
- Voos gevoel: In erge gevallen heb je voortdurend een verminderd gevoel (voze hand) in de vingertoppen en voelt je hand klam of vreemd aan.
Hoe stelt de arts de diagnose?
- Anamnese: De arts vraagt naar je klachtenpatroon. Vooral ’s nachts tintelende vingers en het typische “hand uitschudden om wakker te maken” suggereren een carpal tunnel syndroom. Er wordt gevraagd naar beroep, dagelijkse activiteiten en onderliggende aandoeningen zoals diabetes of reuma.
- Klinisch onderzoek: Er worden enkele klinische testen uitgevoerd. Bij de Tinel-test tikt de arts op de pols over de zenuw; dit wekt bij een carpal tunnel syndroom vaak tintelingen op in de vingers. Bij de Phalen-test houd je de polsen gebogen tegen elkaar gedurende een minuut; optreden van tintelingen wijst op een carpal tunnel syndroom. Verder wordt de handkracht en gevoeligheid getest.
- Aanvullend onderzoek: Ter bevestiging kan een zenuwtest (EMG) uitgevoerd worden. Dit meet de snelheid van de zenuwgeleiding en kan de ernst van het carpal tunnel syndroom inschatten. In specifieke gevallen wordt een echografie of MRI van de pols gemaakt om andere structuren rond de zenuw beter te bekijken.
Wanneer naar een volgende stap?
Behandeling
De behandeling van een carpal tunnel syndroom is afhankelijk van de ernst van de klachten en wordt in verschillende stappen onderverdeeld.
- Stap 1: Polsspalk en rust.
In milde gevallen start de behandeling met een polsspalk (voor ’s nachts) om de pols recht te houden tijdens de slaap. Zo vermindert de druk op de zenuw. Daarnaast is het belangrijk overdag de pols niet langdurig te plooien en eventueel belastende handbewegingen te verminderen. Bijkomende ergonomische maatregelen - zoals een aangepaste werkhouding of polsondersteuning bij het typen - kunnen verlichting bieden. Deze conservatieve aanpak kan de symptomen van het carpal tunnel syndroom vaak verlichten of zelfs doen verdwijnen. - Stap 2: Cortisone-injectie.
Houdt het carpal tunnel syndroom aan, dan kan een injectie met corticosteroïden in de carpale tunnel uitkomst bieden. De arts spuit ontstekingsremmende medicatie in rond de zenuw, wat zwelling vermindert en de druk tijdelijk wegneemt. Dit kan de klachten voor maanden verbeteren, maar de effecten kunnen na verloop van tijd weer afnemen. Bijkomend kan ontstekingsremmende medicatie (NSAID’s zoals ibuprofen of diclofenac) tijdelijk de klachten verbeteren. - Stap 3: Operatie.
Bij blijvende of ernstige klachten is een kleine chirurgische ingreep aanbevolen. Dit gebeurt meestal onder lokale verdoving in dagbehandeling. De chirurg maakt een sneetje in de handpalm en klieft het dwarse polsbandje (transvers ligament) dat het kanaal vormt. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor de zenuw. Na de operatie is de druk meteen weg en merk je vaak snelle verlichting van de nachtelijke tintelingen. Je draagt een spalk gedurende één week en mag hierna de pols terug bewegen zonder zwaar tillen of wringen in de eerste 4 weken. Volledig herstel van gevoel en kracht kan enkele weken tot maanden duren, afhankelijk van hoe lang en hoe erg de zenuw bekneld zat. Werkhervatting kan na 4-6 weken voor fysieke arbeid en 1-2 weken voor administratief werk.

Prognose
- Tijdige behandeling geeft bijna steeds een volledig herstel.
- Hoewel in ernstige gevallen enige gevoelsstoornissen en zwakte in de hand kunnen blijven bestaan, zullen de nachtelijke pijnklachten meestal dadelijk verdwijnen.
Conclusie
Het carpal tunnel syndroom is een veelvoorkomende maar goed behandelbare aandoening. Vroegtijdige herkenning en aanpassing van de belasting op de pols kunnen helpen om een operatie te vermijden. In ernstige gevallen biedt een operatie een effectieve oplossing met een hoog slagingspercentage.
Maak een afspraak
Online
Het is mogelijk om je afspraak online vast te leggen via onderstaande link.
Telefonisch
Maak je je afspraak liever telefonisch? Dan kan je terecht bij ons secretariaat:
Maak een afspraak
Maak je je afspraak liever telefonisch? Dan kan je terecht bij ons secretariaat:

